De Rondvaartboot

 
Het is zaterdag 10 april 2011 en we maken de Tisser weer vaarklaar voor het nieuwe seizoen. De Tisser heeft in het water overwinterd en met een lekker zonnetje werd het “winterhout” vervangen door het “sierhout” en werd de motor zonder problemen weer tot leven gebracht. Omdat Lillian vlijtig mee had geholpen had ze een ijsje verdiend en besloten we van de haven naar Woudsend te varen om daar bij ’t Ponkje een terrasje te pakken. Bij Woudsend aangekomen was er in de wijde omtrek geen rondvaartboot te bekennen en daarop werd besloten aan de “rondvaartbootkade” aan te leggen. Na te hebben genoten van een terrasje met een biertje, bitterballen, ijs en een sorbet werd besloten om terug te gaan naar de boot. Aangekomen bij de kade was de rondvaartboot aangekomen en lag afgemeerd pal achter de Tisser. De kapitein was in het stuurhuis op de eerste verdieping. Besloten werd om enige confrontatie uit de weg te gaan en snel te vertrekken. Echter voordat we de laatste tros losgemaakt hadden kwam de kapitein in het Fries verhaal halen.

“Øjf wje njiet kjønden ljezen”

Na de man gelijk te hebben gegeven werd weer koers gezet naar de haven om daarna weer huiswaarts te gaan.